Zo voelt die kamerplant zich ook thuis

Share.

Kamerplanten in huis dragen een flink stuk bij tot de sfeer en toon van het interieur. Een strakke, monochrome inrichting zal bijvoorbeeld een stuk gezelliger worden en kleur krijgen zodra er een kamerplant aanwezig is, zonder dat er sprake moet zijn van een stijlbreuk.

Maar die plant(en) moeten natuurlijk ook wat aandacht krijgen. Niet iedereen wil daar veel mee bezig zijn of heeft kennis van zaken. Daarom geven wij een aantal tips zodanig dat je kamerplanten er binnen de kortste keren niet triestig bijstaan.

Een belangrijke zaak om naar te kijken, is de plaats waar de plant staat. Direct zonlicht is voor veel planten niet goed – in de zomer bestaat bovendien het risico dat ze verbranden – maar te donker evenmin. Kies dus voor een plek met een goed evenwicht tussen licht en donker. Ook de temperatuur is van belang. De meeste planten groeien het best op een tochtvrije plaats met voldoende zonlicht en een stabiele temperatuur.

Water; een plant kan natuurlijk niet zonder. Maar de juiste hoeveelheid water is minstens even belangrijk. Geef je te weinig of teveel, dan kan dat de plant net zo goed doen wegkwijnen. Je kan dus best rekening houden met waar je plant zich in de natuur het beste voelt. Denk maar aan een cactus die weinig water nodig heeft aangezien die in zeer droge gebieden groeit. Planten met een groot bladoppervlak moet je doorgaans vaker water geven. Vermijd tijdens het gieten water op de bladeren. Zo verminder je het risico op verbranding, schimmels en rotting.

Je planten schoon houden is ook iets waar je wat aandacht moet aan schenken. Kamerplanten hebben geen regen of wind die ervoor kan zorgen dat ze worden schoongespoeld of -geblazen. Ga dus af en toe eens met een stoffer over de bladeren. Of zet je planten eens even buiten. Zoiets kan helemaal geen kwaad. Haal ze natuurlijk tijdig terug binnen. Zeker wanneer de nachten al wat frisser kunnen worden.

Het is niet meteen van toepassing bij nieuwe planten – die potgrond bevat normaal gezien een startbemesting – maar nadien voeg je wekelijks best wat vloeibare meststof toe aan het gietwater. Iets dat je ook enkel moet doen tijdens de groeiperiode van de plant. Duw een plant die in de groei is ook niet ergens in een hoekje, maar geef ruimte om te kunnen groeien. Denk ook goed na voor je eventueel zou gaan verpotten. Het verpotten is op zich goed voor de plant; het zal de groei stimuleren en verse grond is luchtiger en zorgt ervoor dat de plant op adem kan komen. Maar dat verpotten doe je best in het voorjaar. In deze periode krijgt de plant meer energie door de toenemende temperatuur en lichtintensiteit en vormt snel nieuwe wortels.

Zie je het niet zitten om met de bovenstaande tips rekening te houden dan zijn er nog altijd mooie kunstplanten, die niet van echt te onderscheiden zijn. Maar denk dan ook aan de andere voordelen van échte planten. Niet alleen zorgen ze voor sfeer en zuurstof, maar ze kunnen ook de lucht zuiveren!

Foto’s Pinterest

Share.