Hou je gras in perfecte staat: 8 tips

Share.

Een mooie grasmat maakt gelukkig. Het oogt niet alleen mooi, het geeft ook aan dat je je tuin onder controle hebt. Hoe je kale plekken, onkruid en verwildering vermijdt? Dat lees je in deze tips.

1. Voeden en bemesten

Gazon heeft voeding nodig. Vaak is regenwater niet genoeg, zeker niet op de lange termijn. Bemest je gazon tijdens het groeiseizoen (van april tot en met oktober).

Gazonmest kun je in elk tuincentrum wel krijgen. Kijk goed op de verpakking hoeveel je juist moet strooien. Heb je een grote grasmat? Dan investeer je best in een strooiwagentje.

2. Opvullen van kale plekken

Kale plekken zijn niet mooi. Gelukkig kan je ze opvullen met graszaad. Zorg er wel voor dat je hetzelfde soort gebruikt als waarmee je je gazon hebt bestrooid. Bijzaaien kan vanaf half april tot september.

3. Let op met vorst

Als het vriest en er ligt een wit laagje op je gazon, loop er dan niet op. De sprieten kneuzen, en je gras kan zo beschadigd zijn, dat sommige plekken afsterven.

4. Regelmatig maaien

Regelmatig maaien zorgt ervoor dat je gras beter groei en dat je grasmat dichter wordt. Bijkomend voordeel: hierdoor heb je minder kans op onkruid tussen je gras. In het voorjaar en in het najaar maai je je gras best één keer per twee weken, in de zomer best één keer per week.

5. Kantjes afknippen

Gebruik een grasschaar of een heggenschaar om je graskanten mooi af te knippen. Nog beter is het plaatsen van een rand met klinkers. Je grasmaaier kan daardoor over de klinkers rijden en zo de grasranden afmaaien. Zo bespaar je alvast heel wat tijd. En moet je niet door de knieën.

6. Verwijder onkruid zo vroeg mogelijk

Door regelmatig te maaien en te bemesten, hou je je grasmat in optimale conditie. Toch is het mogelijk dat er op sommige plaatsen wat onkruid doorkomt. Hark voor het maaien je gras. Hierdoor komt het onkruid los te zitten. Hardnekkig onkruid trek je best uit met de hand.

7. Water

Is er in de zomer een lange periode van droogte? Dan geef je je gazon best water, om te voorkomen dat het geel of bruin wordt. Je gazon sproeien doe je best ’s avonds. Laat je gras gerust goed nat worden.

8. Verticuteren

In elk gazon vormt zich na verloop van tijd een viltlaag in de grasmat. Die bestaat uit afgestorven grasdeeltjes die na het maaien achterblijven en mossen die hierop gaan groeien. Die wordt steeds dikker, waardoor zuurstof, meststoffen en water niet meer optimaal in de bodem dringen.

Door te verticuteren – met een verticuteerhark of machine – haal je de oude viltlaag uit het gras. En wordt je grasmat goed doorgelucht zodat het weer voedingsstoffen kan opnemen en terug kan groeien.

Share.