Mag je kinderen zomaar het huis uitzetten?

Share.

Steeds meer jongvolwassenen blijven na hun studies nog een tijd bij hun ouders wonen. Door stijgende woningprijzen, langere studies en financiële onzekerheid is het voor veel jongeren niet vanzelfsprekend om meteen zelfstandig te wonen. Meestal verloopt samenwonen probleemloos, maar soms ontstaan er spanningen. Wat als ouders vinden dat het tijd is dat hun zoon of dochter het ouderlijke nest verlaat? En mogen ze hun kinderen zomaar de deur wijzen?

Minderjarige kinderen kunnen niet uit huis worden gezet

Voor minderjarige kinderen ligt de situatie juridisch duidelijk. Ouders hebben de wettelijke plicht om hun kinderen op te voeden, te onderhouden en onderdak te bieden tot zij meerderjarig zijn. Daarom kunnen ouders een minderjarig kind niet zomaar de toegang tot de gezinswoning ontzeggen of uit huis zetten.

Wanneer de thuissituatie onhoudbaar wordt door ernstige conflicten of problematisch gedrag, kunnen ouders, het kind zelf of hulpverlenende instanties de tussenkomst van de familierechter vragen. Die zal de situatie beoordelen en, indien nodig, maatregelen nemen die in het belang van het kind zijn. In uitzonderlijke gevallen kan dat leiden tot een verblijf in een pleeggezin of een gespecialiseerde instelling.

Voor meerderjarige kinderen gelden andere regels

Vanaf de leeftijd van 18 jaar verandert de juridische situatie. In principe hebben ouders het recht om te bepalen wie in hun woning verblijft. Toch betekent dat niet dat een meerderjarig kind zomaar van de ene dag op de andere op straat kan worden gezet.

In de praktijk zijn meerderjarige kinderen die nog thuis wonen vaak gedomicilieerd op het adres van hun ouders. Zolang dat het geval is, kunnen ouders niet eigenhandig beslissen om hun kind de toegang tot de woning te ontzeggen. Een gedomicilieerde bewoner heeft immers bepaalde rechten, waardoor een officiële procedure noodzakelijk is.

Eerst naar de vrederechter

Wanneer ouders willen dat een meerderjarig kind de woning verlaat, is de vrederechter meestal de bevoegde instantie.

De eenvoudigste oplossing is een minnelijke schikking. Daarbij proberen ouders en kind samen tot afspraken te komen, eventueel onder begeleiding van de vrederechter. Zo’n aanpak is doorgaans sneller, goedkoper en minder belastend voor de familiale relaties dan een gerechtelijke procedure.

Als een akkoord onmogelijk blijkt, kunnen ouders een procedure opstarten bij de vrederechter. Daarbij moeten zij aantonen dat het kind geen juridisch recht heeft om de woning verder te bewonen. De rechter beoordeelt vervolgens alle omstandigheden van de zaak voordat een beslissing wordt genomen.

De onderhoudsplicht blijft soms bestaan

Het bereiken van de meerderjarigheid betekent niet automatisch dat alle verplichtingen van ouders verdwijnen. Ook na de achttiende verjaardag kan er nog een onderhoudsplicht bestaan, bijvoorbeeld wanneer een jongere nog studeert of bezig is met een opleiding die uitzicht biedt op economische zelfstandigheid.

Daarom zal een vrederechter steeds rekening houden met verschillende factoren, zoals:

  • de leeftijd van het kind;
  • de studie- of werksituatie;
  • de inspanningen die worden geleverd om zelfstandig te worden;
  • de financiële draagkracht van de ouders;
  • de concrete gezinssituatie.

Een werkende volwassene die al jarenlang thuis woont zonder bij te dragen aan het huishouden, bevindt zich juridisch in een andere positie dan een student die nog afhankelijk is van financiële steun.

Wanneer het conflict voornamelijk draait rond de onderhoudsplicht of de financiering van studies en huisvesting, kan de zaak onder de bevoegdheid van de familierechter vallen.

Wat als het kind weigert te vertrekken?

Wanneer er een akkoord wordt bereikt of wanneer de vrederechter beslist dat het kind de woning moet verlaten, krijgt het doorgaans een termijn om vrijwillig te verhuizen.

Wordt die beslissing niet nageleefd, dan kunnen ouders een beroep doen op een gerechtsdeurwaarder. Indien nodig kan ook de politie ondersteuning bieden bij de uitvoering van de rechterlijke beslissing. Pas in deze fase kan een effectieve uitzetting plaatsvinden.

Geen beslissing zonder rechter

Hoewel ouders eigenaar kunnen zijn van de woning, hebben zij niet zomaar het recht om een meerderjarig kind zonder procedure uit huis te zetten. Zelf de sloten vervangen, persoonlijke bezittingen buiten zetten of de toegang tot de woning weigeren, kan juridische problemen veroorzaken.

Wie een conflict over de woonsituatie wil oplossen, kiest daarom best voor een minnelijke regeling. Lukt dat niet, dan biedt de vrederechter een juridisch kader om een evenwichtige beslissing te nemen, waarbij zowel de rechten van de ouders als die van het kind worden afgewogen.

Lees ook: 

 

Share.